- Op de hoogte
Kan je kinderen leren om kunst te waarderen? De Boekmanstichting onderzocht aan de hand van een aantal cases hoe kunst, opvoeding en school samen kunnen gaan.
De school heeft een belangrijke taak bij de kunsteducatie van kinderen. Het Nederlandse project Cultuur en School laat iedere leerling kennismaken met kunst en cultuur. Het project financiert daarvoor in hoofdzaak de scholen, niet de kunstinstellingen. Om vraag van de scholen en aanbod van de cultuursector op elkaar af te stemmen, zijn in elke provincie en grote stad gesubsidieerde steunpunten te vinden voor kunst en cultuur. Zo loopt de weg tussen kunst en kinderpubliek vaak van culturele instelling naar bemiddelende instelling, van bemiddelende instelling naar school en van school naar leerling. Dat is een lange weg, waarop volwassenen de touwtjes in handen hebben.
Niet alleen organisatorisch, ook inhoudelijk is de kunsteducatie in handen van het onderwijs. De materie wordt bij voorkeur aangeboden in een ‘doorlopende leerlijn’ en is interdisciplinair gericht: de diverse kunstvormen moeten elkaar verrijken en versterken. Ook de relatie met reguliere schoolvakken is van belang – enkel zo wordt kunst verankerd in het lesrooster. Basisprobleem voor Twaalfhoven is dat scholen geen kunstinstellingen zijn en leerkrachten geen kunstenaars. In het eerste geval speelt het probleem van onderbezetting, tijdgebrek, een overvol lesrooster, waarin geen extra betaalde uren voorzien zijn voor kunsteducatie. In het tweede geval speelt een gebrek aan kennis van en ervaring met de kunstwereld. De vraag is in hoeverre leerkrachten (in die omstandigheden) bij kinderen de ‘juiste’ toon kunnen treffen.
Verschillende jeugdtheatermakers (Ad de Bont, Floor Huygen en Moniek Merkx) onderschrijven het probleem. Ook Wim Scheepens van de beeldendekunstmanifestatie Kind + Kunst wijst op een vaak statische uitwerking van het begrip kunsteducatie. Ook het verplichtende karakter is een probleem. Zo formuleerde de jongerenraad van Jeugdtheater De Krakeling als kritiek op het vak Culturele en Kunstzinnige Vorming dat je na afloop een verslag moet maken. De volwassen kunstbezoeker gaat naar een voorstelling die hij zelf uitkiest en praat hier na afloop vrijblijvend over na in het café. Niet zo bij kinderen en jongeren. Een schoolse en betuttelende aanpak ressorteert een aversief effect, zo blijkt.
Kinderen kijken anders naar kunst dan volwassenen. Sinds kort kunnen niet enkel scholen maar ook culturele instellingen met een kunsteducatief project subsidies aanvragen. Bij deze projecten valt het op dat de invalshoek van de leerlingen zélf centraal staat. Als men het jonge publiek wil bereiken, aldus Twaalfhoven, is het belangrijk om aan te sluiten bij de specifieke belevingswereld van dit publiek, en niet zozeer bij leerdoelen.
Log in of registreer je om te reageren.